Vergeet ons niet

32  Het huidige Indonesia

Hoge berg op achtergrond te Batu bij stad Malang Hoge berg op achtergrond te Batu bij stad Malang
Het viel mij tijdens mijn eerste vakanties in Indonesië op dat de tweede, en zeker de derde generatie Indonesiërs in de grote steden, zich een westerse levensstijl proberen aan te meten.

Jakarta vanuit het vliegtuig te zien.
Jakarta vanuit het vliegtuig gezien.
Nu als 84-plusser in 2010, heb ik de laatste keren dat ik op Java ben geweest, de ene na de andere oude kameraad door ouderdom zien wegvallen, daar ontkom je gewoonweg niet aan. Met hen ben ik vaak oude bekende plekjes 'van toen vroeger' gaan opzoeken. Maar niet meer dan dat, want ook daar heeft de laatste 54 jaar de tijd niet stilgestaan.
Heel veel oude woningen zijn grondig verbouwd of verdwenen, er zijn onnoemelijk veel torenhoge flats verrezen in de grote steden en ook de mij bekende straten en straatjes hebben een grondige wijziging ondergaan zodat ik ze nauwelijks meer terugkende.
In de beginjaren van de onafhankelijkheid van Indonesië zijn vele oude gebouwen en monumenten uit de Nederlands-Indische tijd afgebroken, maar gelukkig is toch nog veel behouden gebleven, bleek achteraf.Gevraagd naar het hoe en waarom is het antwoord, dat hoe je het ook wendt of keert, het toch een deel is geweest van het rijke Indonesische verleden, inclusief de driehonderd jaar Nederlands kolonialisme.

Corruptie

Wat wel nieuw is in Indonesië, is de na de oorlog wijd verbreide corruptie die naar mijn mening wel onuitroeibaar zal blijken te zijn. Rechters en regeringsambtenaren, degenen die juist een voorbeeldfunctie hebben, lopen namelijk voorop als het om corruptie gaat. Overigens geldt dit ook voor vele andere landen die na de oorlog hun onafhankelijkheid hebben verkregen.

Hier staat : De katholieke kerk de geboorte van de heilige maagd Maria.
Hier staat “De katholieke kerk de geboorte van de heilige maagd Maria”.

Verschillende belevingen binnen één en dezelfde generatie

Nu heb ik wel eerder gezegd dat onze tweede generatie Indische Nederlanders andere dingen heeft meegemaakt dan de eerste, maar dat was bij de eerste generatie in feite ten dele ook al het geval, als gevolg van de grote veranderingen die de Tweede Wereldoorlog met zich heeft meegebracht.
Gezien dit feit heb ik bij het vaststellen van wie ik tot de eerste generatie reken, dan ook — misschien niet formeel juist — onze ouders daartoe gerekend en ook bijvoorbeeld jongeren als ikzelf die de lagere en middelbare school vóór de oorlog hebben doorlopen. In het bijzonder jongeren die — al dan niet getrouwd na de oorlog — nog een ruim aantal gezapige jaren in het vooroorlogse Nederlands-Indië hebben gekend; een gezapige tijd die tijdens de drieëneenhalf jaar durende Japanse bezetting abrupt werd beëindigd en gevolgd door plotselinge, totale en blijvende veranderingen in het dagelijks gebeuren.
'Schieten' tijdens een bezoek aan Indonesië
'Schieten' tijdens een bezoek aan Indonesië

Iemand van de 'eerste generatie' die nu (anno 2010) 75 jaar oud is, is in 1935 geboren en was dus 7 jaar toen in 1942 de oorlog in Indonesië uitbrak. Die 'eerste generatie' zal toch maar moeilijk kunnen geloven dat ik, hoewel nog niet eens tien jaar ouder, in mijn kleuterjaren thuis in een hansop (een extra korte broek haast zonder pijpen, die was vastgenaaid aan een extra kort overhemd en daarmee dus één kledingstuk vormde) rondliep en als ik uitging ook wel eens in een matrozenpakje. En dat ik kort daarna in mijn vlegeljaren nog een helmhoed van mijn vader kreeg als bescherming tegen de warme zon en tevens een windbuks had om er 4 mm loden hagels mee te kunnen afschieten.
En wie geen windbuks had was toch op z’n minst in het bezit van een katapult als ‘jachtuitrusting' om er halfrijpe vruchten uit andermans tuin mee naar beneden te halen om er thuis rujak manis van te maken en op te peuzelen. Allemaal doodnormale dingen die mijn leeftijdgenoten vóór 1942 hebben meegemaakt. Die 75-jarige anno 2010 weet niet eens wat een hansop is, een matrozenpakje heeft hij nooit gedragen, helmhoeden heeft hij alleen in oude films gezien en een windbuks mocht je al helemaal niet in je bezit hebben en die werden trouwens ook niet verkocht kort na de oorlog!
Dorpsbewoners kijken lachend toe als ik de vruchtbomen in hun tuin aan het bewonderen ben.
Dorpsbewoners kijken lachend toe als ik de vruchtbomen in hun tuin aan het bewonderen ben.

Wat als ...

Vergeten wordt ook, dat het in hoofdzaak de Amerikanen en Engelsen zijn geweest die de Tweede Wereldoorlog met hulp van de andere geallieerde strijdkrachten hebben gewonnen. Echter, hadden de geallieerden verloren, dan zou Europa nu uit één staat bestaan: Groot Duitsland, en Azië uit één staat: Dai Nippon oftewel Groot Japan en was alles op de wereld voor een ieder van ons heel anders gelopen!
Vast staat dat in dat geval wij Indische Nederlanders nooit in Nederland — in de staat Groot Duitsland — terecht zouden zijn gekomen en al helemaal niet de donkerhuidige Marokkanen e.d. als Hitler de baas zou zijn geweest over Europa!

Beken kleur

Papaya’s, meloenen en jeruks (citrusfruit)
Papaya’s, meloenen en jeruks (citrusfruit)
Natuurlijk draag ik als één van “De laatste der Mohikanen" heel wat (nu) nutteloze ballast mee als bagage in mijn rugzak; resten van een toch rijk verleden die ongrijpbaar ronddwarrelen. Met het verdwijnen van ons, eerste generatie Indische Nederlanders, zal ongetwijfeld een deel van onze tweede generatie nog wel het een en ander van onze Indische gewoontes, gebruiken en 'eigenaardigheden' hebben meegekregen, maar voor de derde generatie is dat gegeven vrijwel voltooid verleden tijd. Gelukkig maar ook, want dan zal voor hen de integratie in de Nederlandse samenleving volledig zijn, behalve dat mogelijk de huidskleur die ze van ons hebben meegekregen, nog een kleine maar gelukkig onbelangrijke rol zou kunnen spelen. In dit verband zou ik ons nageslacht willen voorhouden: wees trots op het kleurrijk verleden van je grootouders en overgrootouders, want zelfs bij de eerste generatie heb ik het enkele keren meegemaakt dat ze zich schaamden een Indonesische moeder of oma te hebben gehad.
Overheerlijke gebraden scharrelkippen
Smakelijke gebraden scharrelkippen

Maar aan dit laatste zit een heel complex en droevig verhaal vast. In de Nederlandse samenleving in Nederlands-Indië hadden diverse volbloed Nederlanders, en Indische Nederlanders die zich een bepaalde positie hadden verworven, of dachten te verwerven in de maatschappij, een 'nyaï', een Indonesische concubine. De kinderen die de man met haar kreeg, werden doorgaans door de vader 'geëcht' en dus kregen ze de naam van de vader en werden ze volgens de wet Nederlander. Dit soort samenleven was een normaal en aanvaard verschijnsel in de Europese samenleving en absurd genoeg, zelfs gewenst, wilde je promotie maken en hogerop komen in de maatschappij. Echter, als je met een eenvoudige Indonesische volksvrouw als je wettige echtgenote op recepties e.d. verscheen, waren je kansen om vooruit en hogerop te komen vaak meteen verkeken. Zij diende te allen tijde buiten beeld te blijven, behalve natuurlijk bij je vrienden en kennissen.
Een uitzondering was als je bijvoorbeeld met een prinses trouwde, dus een wettige dochter van de Sultan van Yogyakarta of de Susuhunan van Surakarta, die doorgaans wel geëmancipeerd waren en vaak ook een westerse schoolopleiding hadden genoten. Overigens beschouwde de man zo’n nyaï in zijn beleving — hoewel dus zonder 'boterbriefje' — als zijn 'wettige' vrouw, want ze bleven doorgaans tot hun dood bij elkaar als man en vrouw. Dat laatste, het gemengd gehuwd zijn, geldt trouwens voor de gehele Nederlandse samenleving als zodanig gelukkig nu niet meer. Gemengde huwelijken tussen de verschillende rassen zijn nu niet meer weg te denken.

Op de buitenweg rijden langs sawah’s, is mijn lust en mijn leven
Op de buitenweg rijden langs sawah’s, is mijn lust en mijn leven
Toch kunnen de nakomelingen van de generaties Indische Nederlanders in onze familie alsnog veel te weten komen over het land waar hun wortels hebben gelegen, mochten ze daar in de toekomst interesse voor hebben. De stambomen van mijn beide ouders, voorouders, naaste familie en hun kinderen heb ik, na jaren speurwerk en ook na andere bronnen geraadpleegd te hebben, inmiddels kunnen vastleggen. Verder kunnen ze nog heel veel te weten komen uit "die goede oude tijd”, want inmiddels is het een en ander over het rijke verleden van de Indische Nederlanders in het Nederlands-Indië van toen, in deze moderne tijd zelfs digitaal op internet vastgelegd.

Volgende (33) »  Omhoog   ^^  « Vorige (31)