Neerbuigend

19  Naar Nederland

1956: Jakarta- Amsterdam met de "Johan van Oldenbarnevelt",
en KLM

Wat onze bootreis betreft het volgende: alle Nederlandse passagiersschepen van o.a. de Stoomvaart Maatschappij Nederland (SMN) en de Rotterdamsche Lloyd (RL) waren gedurende de oorlogsjaren in de strijd tegen Duitsland ingezet voor de verplaatsing van de geallieerde troepen, en dus voorzien van slaapzalen met stapelbedden.

Aan boord J. van Oldebarnevelt, trotse moeders Loes en schoonzus met Glenn en Roy
Aan boord J. v. Oldenbarnevelt de trotse moeders Loes met Glenn en Gerda met zoon Roy.
Na het einde van de Tweede Wereldoorlog in 1945 kwam de repatriëring van Nederlanders en Indische Nederlanders, doorgaans volledig berooid, naar Nederland pas goed op gang. Op de terugweg vervoerden de passagiersschepen Nederlandse beroepsmilitairen en oorlogsvrijwilligers naar (toen nog) Nederlands-Indië. Natuurlijk waren er hutten aan boord van de Nederlandse passagiersschepen voor de legerofficieren en andere hooggeplaatste personen, maar soldaten en onderofficieren sliepen in die slaapzalen met stapelbedden. Wij - mijn moeder, ik en mijn jongere broer met elk ons gezin - kwamen in een slaapzaal terecht.

Nieuwe levensfase

Bij het aan boord stappen van het motorschip de "Johan van Oldenbarnevelt" ging er toch heel wat door me heen, en ook toen ik begin maart 1956 voor het eerst weer voet op Nederlandse bodem zette en hoog in de mast de Nederlandse driekleur fier zag wapperen.
Voor de kelners en vele andere bemanningsleden aan boord niets dan lof, want zij wisten inmiddels uit de verhalen als geen ander wat voor erbarmelijke toestanden wij hadden meegemaakt in Indië en zijzelf nog maar vrij kort ervoor ook in Nederland, gedurende de Duitse bezettingstijd!
Samen met de moeders en hun peuters op de foto
Hier zit ik, samen met Loes en schoonzus Gerda en hun peuters op het dek.

Samen met enkele bemanningsleden op de foto
Samen met enkele bemanningsleden op de foto
Als één van de vele repatrianten in Nederland aangekomen werden wij, d.w.z. mijn moeder en ik met mijn gezin, eerst korte tijd in Beekbergen en daarna in Loenen ondergebracht in contractpensions, met alle ellende van dien. Nederland was zelf nog in opbouw; er was een tekort aan huizen en wij - doorgaans 'vreemdelingen' voor de Nederlandse bevolking - kwamen er met bijna 350.000 personen in totaal uiteindelijk ook nog bij als vreemde snoeshanen. Menigeen in Nederland was niet echt op de hoogte van het bestaan van ons Indische Nederlanders. Daarom waren wij die uit Indonesië kwamen domweg "Indonesiërs", ook al droegen wij vreemd genoeg - althans in hun ogen - Nederlandse, Franse, Duitse, Engelse, Spaanse en zelfs Portugese namen, spraken wij Nederlands en waren we in het bezit van een Nederlands paspoort.
a/b “Oldenbarnevelt
A/b Joh. v. Oldenbarnevelt
Ik kreeg ze wel even stil en ze hadden er geen weerwoord op als ik ze terloops vertelde dat wij meer Nederlands bloed in onze aderen hebben dan onze prinsen en prinsessen, want die hebben allen van moeder op dochter (de koninginnen Emma, Wilhelmina, Juliana en Beatrix) een Duitse echtgenoot gehad.
Maar goed, in Nederland aangekomen kon je moeilijk aan werk komen en ik kon in het dorp Loenen slechts terecht als arbeider bij een touwslagerij en een closetpapierfabriek.

Onterechte bejegening

In dit dorpje bracht één van de Indische jongens uit ons contractpension de pensionhouder onbedoeld tot wanhoop. Hij ging nl. de boer op waar koeien geslacht werden en kon de ingewanden - die uitsluitend bestemd waren voor ingeblikte dierenvoeding - gratis meenemen. Er was geen mens die eraan dacht of ervan wist, dat wij Indischgasten die ingewanden zoals pens, darmen en longen ook zelf consumeerden. Thuis aangekomen bij het pension echter was de pensionhouder in alle staten en moest hij zijn buit ogenblikkelijk diep in de tuin begraven. Zelden heb ik iemand zo beteuterd zien kijken, want de kans om daarvan — zoals wij gewend waren — eindelijk eens iets lekkers klaar te maken, werd hem zomaar ontnomen.

Werk zoeken en beginnen bij KLM

Wij volwassenen zaten intussen met het probleem, hoe aan fatsoenlijk werk te komen in die landelijke omgeving. Ikzelf ben toen — met achterlating van mijn gezin, moeder en bijbehorend contractpension — 'gevlucht' naar Amsterdam om er werk te zoeken. Voorlopig kon ik logeren bij mijn zusje en haar echtgenoot, die al een aantal jaren in Amsterdam woonden. Ze hadden maar een kleine woning, dus sliep ik daar op een veldbed onder de trap die naar hun slaapkamer voerde.

Ervaring wordt genegeerd

Eén maand slechts heb ik bij de KLM op Schiphol gewerkt, want het was niet niks om na eerder magazijnchef bij de KLM in Jakarta te zijn geweest, hier in Amsterdam slechts schroeven e.d. te mogen tellen en de magazijnvloer te mogen schrobben.
Verder kreeg ik het al gauw aan de stok met de oudere heren die toen nog met 'valse' manchetten en boorden rondliepen en die de vliegtuigonderdelen uit het magazijn afleverden.

Volgende (20) »  Omhoog   ^^  « Vorige (18)