6 Den Haag
"De weduwe van Indië ben jij"
1934-35 Strand Scheveningen. V.l.n.r. Mijn jongere broer, tante, neef, vader, moeder, zusje en nicht
1934-35 Strand Scheveningen: mijn jongere broer, nicht, vader.
Hollandse kou en de Londen-Melbourne race
Twee dingen zijn mij na ons verlof in Holland nog altijd bij gebleven: het eerste was, dat ik als tropenkind nooit of te nimmer voorgoed in het eeuwig koude Holland zou willen wonen, want ons leven speelde zich in Indië voornamelijk buitenshuis en in een aangenaam klimaat af. Dat het later allemaal anders zou lopen, kon ik toen nog niet bevroeden.
Ten tweede hadden we in onze huurwoning te Den Haag een maandabonnement op de kabelradio en hadden we een klein kastje in de huiskamer staan waarmee je door een knop op één van de 2 standen te zetten, uitsluitend en alleen de zenders Huizen en Hilversum kon ontvangen.
De legendarische vlucht van de Uiver.
De 'echte' race werd uiteindelijk door een Engelsman gewonnen, maar in de 'handicap-race' werden "wij Nederlanders” kampioen met de Dakota DC 2 de “Uiver”, die tijdens de vele tussenlandingen om brandstof te tanken, onderweg ook in één ruk door de post die voor Batavia bestemd was, ophaalde. De andere Dakota DC 2 van ons, de “Panderjager”, die ook aan de race heeft deelgenomen, is onderweg helaas verongelukt en diverse toestellen van de andere landen hebben de race ook niet tot een goed einde weten te brengen, of met grote vertraging vanwege omvangrijke reparatiewerkzaamheden onderweg.
Aardappelen
Een andere 'ramp' voor ons tropenkinderen was, dat — ook al herbergde Den Haag vele Indische verlofgangers — de Nederlander in die tijd nog niet echt toe was aan Indisch eten. In Den Haag waren dan ook weinig Indische toko’s te vinden en was het bereiden van een Indische maaltijd vooral een kwestie van improviseren. Het eten van gekookte aardappelen hing ons namelijk al snel mijlenver de keel uit. Omgekeerd haalden de meeste Nederlanders hun neus echter nog op, alleen al bij het horen van het woord “knoflook”.

Toen wij na afloop van het verlof van mijn vader weer uit
Nederland vertrokken, vroeg mijn vader onze melkboer Marinus of
hij zin had een bootreis mee te maken vanuit Amsterdam tot de
haven van IJmuiden. Hij bleek, nota bene in Den Haag wonende,
nog nooit de zee te hebben gezien. Een ongekende ervaring voor
hem en zeker toen mijn vader hem vertelde, dat hij gratis van al
die drankjes en hapjes mocht genieten die in de eetzaal op lange
tafels stonden uitgestald ter consumptie. Groot was de
consternatie dan ook toen Marinus opeens verdwenen was. Na een
lange zoektocht bleek, dat hij, uiterst benieuwd hoe zo’n groot
schip zich toch kon voortbewegen, op eigen initiatief naar de
machinekamer was gegaan om die maar eens te gaan inspecteren.